Wat we op Israëlzondag te horen krijgen

Twee dagen voor Jom Kippoer leest de kerk op zondagochtend: 'Zelfs als je broeder

zevenmaal daags tegen je zondigt en zevenmaal bij je terugkomt en zegt: 'ik heb berouw',

vergeef hem (Lucas 17,1-10). Zevenmaal daags wil zeggen: dagelijks zevenmaal. Iedere

dag zeven keer. Ik wens de lezer sterkte!


Er bestaat eigenlijk maar één manier om dit woord van Jezus serieus te nemen, en dat is:

het te begrijpen in de Joodse context waarin het gesproken is. Die context is een andere

dan de onze. Als je tegen een christen zegt: 'ik heb gezondigd', zal hij antwoorden: 'Ik

ook. Wij zijn allemaal zondaars'. Als je tegen een Jood zegt: 'Ik heb gezondigd', zal hij

antwoorden: 'O ja? Wat heb je dan gedaan?' In het eerste geval blijft de zaak voort

sudderen. In het tweede geval wordt hij uit de wereld geholpen. Laat dat nou net het

verschil zijn tussen het gedrag van Saul én dat van David, over wie het gaat in de

alternatieve lezing voor de Israëlzondag (1 Sam. 24).


Wispelturig is het doen en laten van Saul. Telkens heeft hij berouw ná de zonde. Maar

vervolgens stoot hij zich aan dezelfde steen. Saul blijkt iemand zonder ruggengraat,

onberekenbaar, obsessief en jaloers. Maar is David dan zoveel beter? Denk even aan de

gesettelde koning David die lekker thuis blijft terwijl hij zijn legeroverste Joab erop

uitstuurt om de Ammonieten een lesje te leren, en dan 's avonds vanaf het dak van zijn

paleis zich verlekkert aan 'een vrouw die er zeer goed uitziet' (2 Sam. 11,2). Nu ja, u kent

het verhaal. Hoe verder het komt hoe lelijker het wordt, om te eindigen in een moord

met voorbedachte rade op de echtgenoot van de beeldschone vrouw, – was getekend

koning David.


Dan verschijnt Natan ten tonele. Zoals Saul het voortdurend met de profeet Samuel aan

de stok had, zo krijgt David van doen met Natan. Deze houdt hem een spiegel voor, en

terwijl David tegen de man die hij in de spiegel ziet in toorn ontbrandt en uitroept:

'Zowaar de Here leeft, de man die dat gedaan heeft is een kind des doods', antwoordt

Natan: 'Gij zijt die man.' Daarop bekent David zijn wandaad en doet vervolgens alles wat

er bij een omkeer kijken komt: zijn misdaad beseffen, ermee stoppen, de daad bekennen,

die goedmaken voor zover dat nog kan, berouw hebben en de consequenties ervan

accepteren ook al zijn die niet leuk.


Iemand die zijn omkeer volledig in praktijk brengt, wordt in de Joodse traditie een

'Meester van de omkeer' genoemd. Dat is een eretitel! Denk aan het eerdere woord van

Jezus: 'ik zeg jullie: er zal in de hemel meer vreugde zijn over één zondaar die omkeert

dan over negenennegentig rechtvaardigen die geen omkeer nodig hebben' (Lucas 15,7).

Zo'n kans op omkeer moeten we elkaar blijkbaar méér dan van harte gunnen volgens het

het woord van Jezus (Lucas 17, 4), waarin hij overigens gebruik maak van een gangbare

halachische overdrijving (lifniem misjoerat ha-dien).


Reinier Gosker

Naschrift: 
Een benadering vanuit Joodse optiek kan christelijke lezers soms verrassend op een nieuw spoor zetten. Vandaar dat de classicale werkgroep op 16 september een bijeenkomst belegd om de dienst voor te bereiden voor wat we wel Israëlzondag noemen in de kerk. Ds. Reiner Gosker, voorzitter van de classicale werkgroep, was bereid een column te schrijven waarin hij het eigene laat zien van een op Israël afgestemde benadering. Hierboven zijn tekst. Wil je meedoen met de voorbereiding op 16 september op Israëlzondag? Even opgeven: klik hier. 

Foto internet: het blazen van de sjofar op Grote Verzoendag