Reacties 'De Bijna+Bisschop'

Op dit stukje van de website plaatsen we (onderdelen van) reacties van mensen op 'De Bijna+Bisschop'. Delen van de inhoud zijn al op diverse plaatsen besproken; in de classis, in het breed-moderamen, in een werkgemeenschap. Wilt u (persoonlijk dus) ook reageren? Dat kan via k.vanderkamp@pkn.nl. Ik waardeer het als u feedback geeft. Het boekje is daar juist voor bedoeld. Op die manier kunnen we samen zoeken naar een uitwerking van de classispredikant die aansluit bij de manier waarop mensen uit de gemeente er naar kijken. Als u expliciet aangeeft dat uw naam niet mag worden vermeld, zullen we uw reactie anoniem verwerken. 

Reacties tot nu toe:

* Vanuit de classicale vergadering. 
De classicale vergadering heeft enkele onderdelen van het boekje op de agenda gehad. Dat betreft de fictieve brief uit onderdeel 4 (brief uit de toekomst). De brief gaf herkenning en bij de bespreking van de ringen diverse vragen. Het onderdeel 'liefde voor de regio' is ook besproken. Mensen in gemeenten met veel autochtonen herkenden de karakterschets; mensen in plaatsen met meer forenzen voelden distantie. 

* Van een meelezer.
Een meelezer signaleerde een zekere tweeslachtigheid in de visie op de jongvolwassenen. Aan de ene kant pleit de tekst voor acceptatie van een nieuw kerkmodel, aan de andere kant worden er allerlei suggesties gedaan om jonge mensen toch meer bij de kerk in de oude vorm te betrekken. Verder gaf de meelezer aan, dat het onderdeel 'De kerk van onlangs' wel verhelderend werkt om een bepaalde ontwikkeling te signaleren, tegelijk stelde de meelezer, dat je toch vooral vanuit de huidige vragen naar antwoorden moet zoeken. 

* Vanuit het breed moderamen. 
Er is herkenning in de noodzaak geloof en samenleving op elkaar af te stemmen. Je moet oppassen dat je met de concepten van geloof en vertrouwen niet te veel achter feiten aanhobbelt. Anderen zeiden juist een interne worsteling te ervaren op dit punt, enerzijds ziet men de noodzaak zich aan te passen bij de tijd, anderzijds is er zorg dat aanpassing tot vervlakking kan leiden. 

* Vanuit een werkgemeenschap. 
Twee collegae verwoordden: Er is zorg over de bevoegdheden van de classispredikant; gaat zo'n functie zich niet zelfstandig doorontwikkelen in hiërarchische zin? Welke weg slaan we op de iets langere termijn in? Een extra punt van zorg betreft de omgang met predikanten die twaalf jaar in een gemeente zijn en op basis van de inzet van een classispredikant kunnen muteren. Versterkt dat niet de hiërarchie? Eén van deze collegae keek met heimwee terug op de oude classis, waarin hij zelf met empathie verantwoordelijkheid nam voor het bovenplaatselijke kerkenwerk; maar die directe verbondenheid is te vondeling gelegd op het moment dat de structuur zich wijzigde. 
Ik heb als classispredikant geantwoord, dat met Arnold van Ruler, die in 'De Bijna-Bisschop' wordt geciteerd, de synode duidelijk heeft uitgesproken dat de classispredikant onderdeel is van een ambtelijke vergadering; het ambt is niet los verkrijgbaar. Van Ruler wijst er daarbij op dat het ambt tevens ingebed is in de gemeente. De gemeente volgt de ambten in de voorbeden en in het kritiseren. Ik ga er daarbij vanuit dat Van Ruler dat laatste in opbouwende en liefdevolle zin bedoelt. 
Een andere collega noemde parallellie met de 'vicarious church', waar je zinvol op het geheel let. Weer een ander noemde het belang om als classispredikant gezicht te geven aan de samenhang van de kerk, waar het congregationalisme behoorlijk woekert op het grondvlak. 
Een ander gespreksthema vormde de Gideonsbende van de toekomst. Ik had verwoord dat de kerk van de toekomst in toenemende mate gedragen wordt door een kleine groep getrouwen; de goegemeente vormt het geheel van mensen dat wel gelooft, maar niet per se die oriëntatie koppelt aan trouw kerkbezoek. Ook bij zo'n Gideonsbende moet je aanwas hebben, zo was de gedachte. 
Een volgend thema was de vraag naar het gebouw. 'Mag je zeggen, dat het gebouw er toe doet? Gaat het niet veel meer om de geestelijke gemeenschap?' In dit onderdeel van het gesprek ging het over de dissertatie van Jacobine Gelderloos en haar visie dat ook de stenen verschil kunnen maken. Eén van de emeriti vertelde van een kerkgebouw in een klein dorp, waar bij campagnes om de restauratie gedaan te krijgen buitenkerkelijken evenzeer bijdragen als kerkelijk betrokken mensen. 

Wilt u het boek kopen? Klik hier voor informatie.