Foto: Enkele predikanten en pastores op rij in de Lebuïnuskerk in Deventer tijdens een regionale zondag (archieffoto) 

PKN houdt 21 april 2024 een roepingenzondag


De landelijke kerk is bezig materiaal klaar te maken voor een roepingenzondag. De datum waarop er speciale aandacht wordt gevraagd voor het thema is al bekend: 21 april 2024. Dat is de vierde zondag na Pasen, zondag Goede Herder, zoals de dag ook wel getypeerd wordt. De kerk heeft voor deze zondag gekozen in navolging van de gewoonte bij de Rooms-Katholieke Kerk en de Anglicaanse Kerk.

Het breed moderamen van de classis Overijssel-Flevoland bereidt het onderwerp van de roepingenzondag voor. Tijdens de januari-vergadering kwam de situatie aan de orde van de Protestantse Theologische Universiteit. Er doen allerlei geruchten de ronde over het teruglopen van het aantal aanmeldingen van 18-jarigen en over de zorg rond het management. Het breed moderamen – daartoe aangespoord door enkele predikanten uit de regio Overijssel-Flevoland – besloot daarop niet alleen te somberen over de opleiding, maar positief bij te dragen aan het thema ‘roepingen’. Het onderwerp is verder in voorbereiding en zal er in de loop van februari de gemeenten over informeren, zodat alle kerkenraden die dat willen op 21 april aandacht aan het thema kunnen geven.

Oecumenische traditie

Het onderdeel ‘Vitale Roeping’ van de landelijke kerk en specifiek ook het mobiliteitsbureau van de kerk houden zich met het thema roepingen bezig. Ze hebben plannen voorgelegd aan het moderamen, waarbij men qua timing aansluit bij de oecumenische traditie. De Rooms-Katholieke traditie kent een Roepingenzondag op de ‘vierde zondag van Pasen’ (zondag Goede Herder) vanuit Mattheüs 9: 35-38. De Anglicaanse Kerk kent ook een Roepingenzondag op de vierde zondag van Pasen. De Anglicaanse Kerk betrekt het begrip roeping op alle terreinen van het leven, met nadruk op geordineerde ambt. “While appreciating all vocations, the Church concentrates her attention on raising up shepherds for God's people - vocations to Holy Orders (the priesthood and diaconate) and to the religious life - while encouraging all who are discerning their vocation to pray more earnestly that they may hear and respond to God's call”.

 

De landelijke kerk wil de aandacht voor nieuwe werkers in de kerk niet beperken tot roepingenzondag, maar inbedden in een integrale wervingsactie van heel de kerk en al de betrokkenen, vertelt desgevraagd ds. Giel Schorremans. Als kerk is de PKN partner van de gezamenlijke campagne Theologie met opleiders PThU, CHE en Windesheim. Deze campagne is zowel gericht op kerkelijk werkers, pioniers als predikanten.

Doel van de campagne is: Gebed te vragen voor voorgangers en om te stimuleren dat er geschoolde werkers zich melden in gemeenten. Predikanten en kerkenraden kunnen helpen de studie Theologie en het predikantschap motiverend onder de aandacht te brengen in de kerkelijke gemeente.


Vasthouden

Natuurlijk gaat het niet alleen om het werven van nieuwe predikanten, maar ook om het vasthouden van zittende voorgangers. De Protestantse Kerk heeft daartoe eerder onderzoek naar laten doen in 2023. Het onderzoek ging over de werkbeleving van jonge predikanten. Aanleiding waren geruchten als zouden jonge predikanten moeite hebben zich te handhaven. Het onderzoek richtte zich met name op de 25-45-jarigen. En de conclusie was dat de uitstroom meevalt, en dat jonge predikanten over het algemeen een 7,8 geven. Dat is iets hoger dan het landelijk gemiddelde in andere sectoren van de samenleving, daar ligt het rapportcijfer op een 7,5.

Er zijn in totaal 303 predikanten werkzaam binnen de Protestantse Kerk die jonger zijn dan 45 jaar. Het officieel gemelde percentage van ziekteverzuim ligt op 8,25 procent c.q. 9,41 procent in de jaren 2021 en 2022. Het gaat dan om eenvoudige ziekmeldingen. Opmerkelijk is dat het aantal vrouwen dat zich ziek meldt beduidend hoger ligt dan het aantal mannen. Het verzuimpercentage onder jonge predikanten is daarmee lager dan het landelijke verzuimpercentage van andere beroepen in dezelfde leeftijdscategorie. Het cijfer is dus laag, maar bij interviews geeft 1 op de 3 preikanten wel aan klachten te hebben gehad die burn-out gerelateerd zijn.

Kijk je naar de uitstroom van predikanten, dan is de uitstroom in 2021 2 personen en in 2022 4 personen waar het gaat om mensen die predikant met een bijzondere opdracht worden of in algemene dienst komen. Kijk je naar het aantal gemeentepredikanten die buiten een vaste bediening komt, dan is het getal voor 2021 5 en voor 2022 11. De gemiddelde jaarlijkse uitstroom van 5 of 6 mensen ligt onder het landelijk gemiddelde van andere beroepen. Zelfs het getal van 11 in 2022 is met 5,2 procent nog laag te noemen.

Concluderend kan je zeggen dat de cijfers van ziekteverzuim en uitstroom niet verontrustend zijn.

Werkbeleving

Het onderzoek heeft ook de werkbeleving gepeild van jonge predikanten. Over het algemeen is de groep geïnterviewde predikanten blij met zijn of haar werk. Ze ervaren het beroep van predikant als een beroep met vrijheid. Men genieten van de autonomie. En verreweg de meeste predikanten zijn dan ook van plan het ambt trouw te blijven. Het werk wordt als zinvol ervaren. En men kan eigen talenten en kwaliteiten goed kwijt in het ambt van predikant.


Een minpunt is de werkdruk en de ervaren roep steeds beschikbaar te zijn. Het roepingsbesef onder de jonge predikanten is groot. Dat kan overigens ook weer werkdruk oproepen omdat het moeilijker is ‘nee’ te zeggen. Predikanten ervaren wel de noodzaak meer aan de spiritualiteit te doen, maar gunnen zich daar vaak de tijd niet voor.

Tweederde van de predikanten geeft aan dat de samenwerking met de kerkenraad goed is. Een derde ziet het als een wankel evenwicht. De samenwerking met de kerkenraad is dan ook een blijvend aandachtspunt. Hetzelfde geldt voor samenwerking met collegae. Meer uitwisseling over hoe het gaat, in de gemeente en met de predikant als persoon zou helpend zijn, het werkplezier kunnen bevorderen en uitval kunnen voorkomen en het zou ook bij kunnen dragen aan een meer efficiënte manier van werken.