Foto: archieffoto uit de tijd dat Henk van Hout voorzitter was van de Raad van Kerken en boeken van anderen in ontvangst mocht nemen; hier een uitgave van de Protestantse Kerk hem overhandigd door de toenmalige scriba Arjan Plaisier (links)

Once upon a time in the East


Een verrassend boek. Dat mag je het werk van Henk van Hout wel noemen. De voormalige voorzitter van de Raad van Kerken schreef een toegankelijke analyse van het bijbelboek Job. Een exegetisch werk. Hij is daarmee een voorbeeld van een atypische voorzitter die na zijn pensionering uit onverwachte hoek van zich laat horen.

Het komt veel voor dat een voormalig voorzitter van de Raad van Kerken bijdraagt aan een verdere bezinning op theologisch gebied. Je ziet het bij illustere voorgangers van Henk van Hout (2007-2015): Ton van Eijk (1999-2007),  Dick Mulder (1983-1992) en Henk Berkhof (1974-1983). Maar die publicaties hebben op een bepaalde manier een leerstellig karakter. Henk van Hout schreef na zijn pensionering een exegetisch werk. Met de titel ‘Zijn naam was Job’ geeft hij in ruim 300 bladzijden een introductie, een vertaling en per hoofdstuk commentaar op het bijbelboek Job. Een uitgave die consequent de tekst analyseert en laat zien hoe de literaire en culturele genres in elkaar haken. Een vakkundige benadering, zonder dat de tekst saai en nietszeggend wordt. Integendeel. De tekst boeit, is rijk qua woordkeus en blijft onverkort bezielend.

Henk van Hout typeert het boek Job zelf als een ‘ontregelend bijbelboek’, waarin een herkenbare levensvraag aan de orde komt, namelijk hoe wij mensen reageren als we voor de ultieme levensvragen komen te staan van onverdiend lijden. ‘Zoals velen onder ons kan Job niet geloven dat ongeluk, lijden en ellende een kwestie zijn van domme pech of van eigen schuld, laat staan onderdeel uitmaken van een hoger goddelijk plan’.

Aan het einde van zijn commentaar komt Henk van Hout op de vraag terug. ‘Een echte oplossing wordt er niet geboden, of het moet het antwoord zijn dat de persoonlijke relatie met God voor een mens helend is. De God van Abraham, Isaak en Jakob (en van Ezau!) is geen Macht maar een Persoon. Het leven in gemeenschap met de levende God en met zijn schepping en schepselen is de opdracht waartoe de mens, religieus gesproken, geroepen is. Maar dat doe je niet zomaar even, in een vloek en een zucht’.

Het is aardig te zien hoe de schrijver van rooms-katholieke huize steeds weer positie kiest vanuit de joodse bronnen.  ‘Naast de moderne bijbelwetenschappen is te rade gegaan bij oude talmoedische rabbijnen en andere joodse bijbeluitleggers’, verantwoordt de schrijver zich.

Visie buiten Israël 

Een voorbeeld van hoe Henk van Hout analyseert, vind je bijvoorbeeld in zijn interpretatie van de Godsnaam. Hij stelt vast dat er drie namen te onderscheiden zijn. In het novelle-achtige begin is het het tetragrammaton JHWH. In het poëtische deel is het herhaaldelijk de titel ‘Sjaddai’, door van Hout weergegeven met ‘de Almachtige’ (tussen haakjes: je kan dat woord ook vertalen met 'de Ontzagwekkende', zoals de NBV doet in bijvoorbeeld Ruth 1: 20 - maar toegegeven dat past minder bij de theologie van Job zoals Van Hout dat weergeeft), de Almachtige is degene wiens macht niet te weerstaan is. Meestal is het evenwel de algemene naam ‘El’, of ‘Elohim’. ‘Het is het algemeen-semitische woord voor de godheid, dat uitdrukking geeft aan het universele karakter van God’. Van Hout ziet die brede woordkeus als illustratie dat het bijbelboek Job niet alleen insiders, maar ook outsiders wilde aanspreken. Het gaat om ‘een visie van buiten Israël, buiten Palestina, met een beroep op gewone menselijke ervaring en uitgaande van algemene religieuze expressies’. Een oecumenische toonzetting dus...

Van Hout laat zien hoe het bijbelboek gedachten meeneemt uit de seculiere omgeving van Israël. Typerend voor het respect en de liefde voor de tekst is een zin als: ‘Van tremendum en fascinosum worden literaire bestanddelen omgevormd tot adorandum: ook via heidense restanten toont God zijn majesteit’.  

Het lukt de schrijver om van het begin tot het einde de gekozen stijl van literaire analyse trouw te blijven. Dat maakt het geschikt voor pastores om in de boekenkast te zetten en als naslagwerk op dit stukje Wijsheidsliteratuur te raadplegen op het moment dat men een meditatie wil schrijven.

Glimlach

Wie Henk van Hout kent, zal af en toe een glimlach voelen opkomen, omdat er gedachten zijn geformuleerd die getuigen van modern cultureel besef en die laten vermoeden dat de schrijver als vader van dochters enkele keren zelf glimlachend de tekst heeft gelezen. Van beide nog een voorbeeld.

Over dat moderne culturele besef. Dat vind je in oneliners zoals in het motto van het boek; het citaat van Leonard Cohen: ‘There is a crack in everything, that’s how the light gets in’. En in de typering van het literaire genre, als Henk van Hout uitlegt hoe de naam Job vooral een literaire keus is. ‘We horen de voice-over bij de eerste beelden al opklinken: Once upon a time in the East, there was a man named Job’. Of de beschrijving van Uz als ‘het land van Ooit’.

En als het gaat over de beschrijving van de vrouw van Job, zie je even de visie van de auteur oplichten. Henk van Hout moet vaststellen bij het commentaar op Job 1-2, dat er nauwelijks over de vrouw van Job wordt gesproken. Over haar valt weinig te lezen. ‘Dat is merkwaardig omdat zij ongetwijfeld een belangrijke bijdrage heeft geleverd in Jobs welvaart, diens sociale status, de zorg voor nageslacht, de opvoeding in het gezin, de regeling van het huishouden, het beheer van geld en goederen, de bescherming van de familie, de zorg voor de armen, - opdat haar man alle tijd heeft om te vergaderen met de oudsten in de poort’. Het zal allemaal waar zijn. Het is vooral verzuchting van de auteur.

Je ziet in gedachten de auteur zich schrap zetten als hij in een toelichting op Job 42 mag schrijven over de drie nieuwe dochters die Job ontvangt en die nu met naam worden genoemd, een eer die Jobs vrouw niet ten deel is gevallen. Letterlijk heetten ze Tortelduif, Kaneelbloesem en Poederdoos. Met gevoel voor cultureel besef kiest Henk voor namen die minder potsierlijk klinken: Lieve, Fleur en Belle. En hij concludeert met expliciete instemming: ‘Ziehier een sterk staaltje van inclusiviteit in een patriarchale samenleving en cultuur’.

Het boek ‘Zijn naam was Job’ is geschreven door Henk van Hout en uitgegeven door de Kamper uitgever Van Warven. Het boek is te koop via onder meer Bol.com en kost 19,95 euro.