Pers over verdeling energiecompensatie

Hieronder een impressie van de reacties in de pers over het idee als kerken de energiecompensatie te herverdelen. Daaronder een reeks veel gestelde vragen met een (voorlopig) antwoord. We staan open voor reacties / aanvullingen (k.vanderkamp@protestantsekerk.nl) en zullen de teksten aanvullen / aanpassen als er weer verder overleg is geweest met nieuwe partners die het idee ondersteunen en die aanvullende inzichten aanreiken. 


Het idee om de energiecompensatie van de overheid eerlijk te verdelen is breed opgepakt. Het begon met een gedachte bij ds. Kest Jelsma uit Ommen. Inmiddels hebben veel mediakanalen over de herverdeling van de energietegemoetkoming bericht.

De Stentor, krant uit Oost-Nederland, zet in met de zin: ‘Een hartverwarmend idee uit Ommen dat als een lopend vuurtje door Nederland gaat. Het idee van predikant Kest Jelsma in een notendop: heb je de energiebonus van de regering niet nodig om je hoge gasrekening te betalen? Geef het dan aan de kerk, die het verdeelt onder de armen’.

Het Friesch Dagblad bericht op de voorpagina over het ontstaan van het idee. Het begon met een idee van Kest Jelsma, dat na rijping bij hem zelf, resulteerde in een telefoontje aan de classispredikant. Die nam het idee mee naar Terschelling, waar net op dat moment het inspiratiefestival begon. Vandaar dat het Friesch Dagblad kopt: ‘Landelijk plan ontstaan op Terschelling’. De krant wijst er verder op, dat de Friese kerken tijdens de regionale kerkendag, een soortgelijk initiatief starten. Solidair Friesland, de Arme Kant van Fryslân en de Friese Raad van Kerken onderzoeken hoe ze kunnen helpen de compensatie die huishoudens krijgen eerlijk te verdelen.

Het dagblad Trouw, die donderdag 28 oktober de primeur had van het bericht, komt er vrijdag 29 oktober in een hoofdartikel op terug. De kop luidt: ‘Weer tikken kerken overheid op vingers’. En men zet in met: ‘Het is een taak die de kerken wel toevertrouwd is: geld inzamelen en zorgen dat het langs diaconale routes belandt bij mensen die het nodig hebben’.

De NOS komt met een bericht ‘Kerken willen geld voor energiecompensatie verdelen’. Het bericht start met: ‘Kerken willen helpen om de 2,7 miljard euro die de overheid heeft uitgetrokken om de sterk stijgende gasprijs te compenseren, eerlijker te verdelen’. Men schrijft verder: ‘Op initiatief van een kerk in Ommen werken Nederlandse kerken aan een plan waardoor mensen die het bedrag niet nodig hebben dat kunnen schenken aan een lokaal kerkelijk fonds’.

FAQ

Na het idee te hebben gelanceerd is het van belang dat er een te hanteren uitwerking komt. Hieronder een eerste poging om de veel gestelde vragen te kanaliseren. Het is de bedoeling dat deze FAQ wordt bijgesteld als koepelorganisaties zich verder hebben uitgesproken over het idee. 

Hieronder een eerste inventarisatie van FAQ’s, gebaseerd op vragen die bij de classispredikant van Overijssel-Flevoland nu al binnenstromen.

Wie bepaalt of het tot een campagne komt?
Antwoord: Dat bepalen plaatselijke partners. We doen een appel op diaconieën, caritasverenigingen, humanitaire organisaties, voedselbanken en wat er verder lokaal aan coalities te vormen is. We adviseren tegelijk om niet te lang te blijven hangen in de interne organisatie. Vaak is er in het verleden al een coalitie gevormd, waarop men kan terugvallen. En als die coalitie er niet is, kan men ook als afzonderlijke diaconie of caritasvereniging het plan oppakken. Er rust geen patent op voor een enkele organisatie; het gaat om het effect de energietegemoetkoming nog meer te verdelen conform de behoeften van mensen.

Wat moet een plaatselijke diaconie of initiatiefgroep doen om werk te maken van dit idee?
Antwoord: Een eerste stap zou kunnen zijn: Het omschrijven van het plan zoals men dat plaatselijk wil voeren. Daarbij zijn in ieder geval drie thema’s relevant: de eigen begroting; de communicatie; de partners.

De eigen begroting. Daarbij horen vragen als: Welke bedragen keren we uit? Hoe zorgen we voor balans, zodat de aanvragen gehonoreerd kunnen worden, terwijl de middelen niet uitgeput moeten raken? De meeste diaconale organisaties hebben middelen voor noodhulp die ze wellicht als garantie achter de hand kunnen houden. Bij een tekort aan donateurs kan men een extra oproep plaatsen in lokale media en bijvoorbeeld kerkbesturen vragen een extra collecte te houden; bij een overschot aan inkomsten kan men overwegen de hulp aan de allerarmsten nog verder uit te bouwen. Of men kan informeren bij buurtgemeenten of initiatiefnemers daar inkomsten en uitgaven in balans hebben weten te krijgen. Het is verstandig om uiteindelijk geen euro aan de strijkstok te laten hangen.

De communicatie. Je denkt na over de vraag hoe je het idee lokaal voor de Bühne krijgt. Hoe weten donateurs dat ze 230 euro of 400 euro of een ander bedrag zouden kunnen afstaan? Wellicht zijn er mogelijkheden in een huis-aan-huis-blad en bij lokale radio en televisie. Daarnaast moet je nadenken over de communicatie naar de mensen die een bijdrage nodig hebben. Hoe bereik je die mensen en hoe help je die mensen over een drempel? 

De bondgenoten. Het is van belang dat je bondgenoten en partners in de lokale gemeenschap geïnformeerd zijn over het initiatief en waar nodig het initiatief ondersteunen. Bondgenoten kunnen mensen zijn die werken bij de voedselbank en mensen die werken bij de burgerlijke gemeente. Zij hebben kennis van mensen die mogelijk voor een bijdrage in aanmerking komen.

Afhankelijk van de omvang die je aan het plan wilt geven kan je nog meer beschrijven. Je kan de doelstelling nog eens in eigen taal formuleren. Dat helpt als je medestanders zoekt. Je kan omschrijven hoe je tussentijds toetst of je op schema ligt.

In het algemeen adviseren we niet te uitbundig de papierwinkel in te duiken, maar vooral makelaar te zijn tussen donateurs en hulpbehoevenden. 

Worden de uitgaven voldoende getoetst?
Antwoord: Natuurlijk houd je bij je uitgaven de vinger aan de pols dat het geld terecht komt bij de goede huishoudens. Je verantwoordt je door te noteren welk bedrag waarheen gaat. Alleen al die houding werkt preventief tegen fraude. Als iemand zich meldt van ‘Goudkust nummer 25’ informeer je verder naar de situatie hoe iemand op zo’n adres toch problemen blijkt te hebben met de energienota en of er in zo’n situatie misschien andere keuzes gemaakt moeten worden. Je gebruikt je nuchtere verstand. Toch mag die alertheid niet ten koste gaan van de dienstvaardigheid. Het is niet de achterdocht die regeert, maar het verlangen mensen te helpen die vaak toch al geen briljante resultaten boeken als het gaat om invullen van papieren.

Hebben mensen aan de onderkant dan niet genoeg aan de 400 euro tegemoetkoming van de overheid via de belasting? Bij mensen met een variabel contract zou het bijvoorbeeld gaan om 18 tot 25 euro per maand gaan. Is het dan nodig deze mensen extra tegemoet te komen?
Antwoord: Natuurlijk heeft niet iedereen een extra tegemoetkoming nodig. Het gaat om mensen aan de onderkant. 

Een rekensommetje. Het Nibud heeft de volgende gegevens naar buiten gebracht in het rapport ‘Effect alternatieve compensatie stijging energieprijzen’ (een rapport van november 2021 waarin men allerlei varianten doorrekent en ook de basis tegen het licht houdt):

Kosten energie:

datum:                                     januari ’21          september ’21                winter ’22               stijging
alleenstaanden:                              95                         113                        135                        + 40
eenoudergezin:                              140                        166                        167                        + 37
paar zonder kinderen:                     113                        134                        159                        + 46
paar met kinderen:                         150                        177                        221                        + 71

Het gaat in dit overzicht om stijgingen per maand. Op jaarbasis variëren de stijgingen dus tussen de 444 euro en de 852 euro.

Maar daarmee ben je er niet. Er is ook inflatie in algemene zin. Door de energiekosten stijgen allerlei productiekosten, nog afgezien van de toenemende logistieke kosten. Het Centraal Bureau voor de Statistiek geeft aan dat de prijzen op 1 oktober 2021 ten opzichte van 1 oktober 2020 zijn gestegen met 3,4 procent. Als je dat getal doorrekent op een minimumloon van iemand die 21 jaar is, kom je bij een maandinkomen van 1701 euro op extra kosten van 57,80 euro per maand; dat is op jaarbasis 693,60 euro.

Tenslotte is het goed te bedenken dat mensen die op de grens van haalbaarheid leven, bij iedere uitgave extra moeten nadenken; ze kunnen zich geen ‘fouten’ permitteren. Wat energie betreft spreekt het percentage wat ze aan energiekosten uitgeven boekdelen. Ze zijn een substantieel deel van hun uitgaven al kwijt aan energie, met daarnaast de vaste kosten voor huur, voor voedsel, voor verzekeringen. Het Nibud heeft becijferd dat iemand op bijstandsniveau 7 tot 8 procent van de inkomsten kwijt is aan energie; voor iemand die twee keer modaal verdient ligt dat percentage op 4 tot 5 procent. 

Kennen we de afnemers voldoende?
Antwoord: Ja, de kerken brengen gezamenlijk periodiek een armoedebarometer uit. Dat is een onderzoek gehouden onder honderden diaconieën, caritasverenigingen, humanitaire instellingen. Daaruit blijkt dat ruim 10 procent van de mensen onder de armoedegrens leeft in Nederland. Dat zijn onder meer eenoudergezinnen, zzp-ers, mensen met chronische ziekte, verwarde mensen, werklozen. Het Sociaal Cultureel Planbureau gaat uit van een latente tweedeling waarbij zo’n 28 procent moeite moet doen om alle rekeningen betaald te krijgen. Er is dus wel een frame van denken, waarbinnen we opereren.

Iets anders is de vraag of we plaatselijk precies de namen kennen. Er is geen uitputtende namenlijst. Uit de genoemde armoedebarometer weten we dat negentig procent van de diaconieën individuele hulpvragen beantwoordt en we weten dat evenzovele diaconieën adressen hebben van mensen die bijvoorbeeld een kerstpakket ontvangen. Dus het is duidelijk waar men een begin kan maken.

Komen mensen die geld ontvangen niet in de problemen, omdat ze meer inkomen ontvangen dan ze geacht worden te krijgen?
Antwoord: Het is van belang dat je de campagne voert in overleg met de burgerlijke overheid. De burgerlijke overheid kent de situatie van de mensen aan de onderkant met uitvoeringsmaatregelen van bijstand en sociale zorg en kan daarin meedenken en support verlenen.

Moeten mensen lid zijn van de kerk om in aanmerking te komen voor een bijdrage?
Antwoord: Dat is nooit de insteek van kerkelijke hulpmiddelen. Wie vraagt, wordt serieus genomen, ongeacht de achtergrond. Kerklid of niet, man of vrouw, allochtoon of autochtoon, geregistreerd of niet-geregistreerd, intelligent of verward. Je vraagt niet voor je plezier om ondersteuning. En als er een enkeling misbruik maakt van het aanbod van de kerken, en we hebben het niet in de gaten, het zij zo. Beter één keer vergist dan één keer iemand in de kou te hebben laten staan. We laten onze leefgemeenschappen niet opdelen in twee groepen: mensen die de winter door kunnen komen en mensen die in de kou zitten.

Zullen er voldoende mensen zijn die hun bonus beschikbaar willen stellen?
Antwoord: Dat is een lastige vraag, omdat er geen ervaringscijfers zijn. Uit reacties op het initiatief kan je afleiden dat er veel sympathie is, ook bij mensen die royaal in hun levensonderhoud kunnen voorzien. Je weet eigenlijk ook van te voren dat er een groot grijs gebied is van mensen die latent het idee sympathiek vinden, maar niet direct een overboeking plaatsen. Dat nodigt de campagneleiding uit om daarop een strategie te zetten: Informeer mensen over je plannen; dreig je een tekort aan financiële middelen te krijgen, informeer mensen ter plaatse daar weer over; dat zal wellicht aanvullende middelen genereren.

Het AD heeft een lezerenquête uitgezet met de vraag: ‘Zou jij je energiecompensatie aan de kerk geven om op die manier de armen te steunen? Er werden vijf mogelijke opties genoemd, op het moment dat wij de enquête invulden, waren er 246 stemmen binnen. De score luidde:
32 % Nee, ik heb er geen vertrouwen in dat dit goed terecht komt.
26 % Ja, ik kan die 400 euro wel missen en help een ander graag door de winter.
19 % Ik wil de armen wel helpen, maar niet via de kerk.
12 % Ik heb die compensatie zelf hard nodig om deze winter te overleven.
11 % Ik twijfel.

Een opmerking bij de enquête: Het AD heeft geen voorgedrukte antw