Hervormd Wierden viert vierde eeuwfeest
De hervormde gemeente te Wierden viert donderdag 18 juni het 400 jarig bestaan in de Dorpskerk. Vanaf 18.30 uur is er inloop en de officiële bijeenkomst begint om 19.30 uur. Er is een stuurgroep die invulling geeft aan de herdenking en het is de bedoeling dat er in september ook verder over gepubliceerd wordt.
Met de Reformatie in Wierden is de naam van Jan Nijhof verbonden. Jan Nijhof was eerder pastoor in Borne en ging later in Wierden werken. Hij werd gezien als iemand met lutherse sympathieën. W.G.A.J. Röring (het grote aantal voorletters verraadt zijn rooms-katholieke achtergrond) schrijft over deze ontwikkelingen in 1626 als volgt: ‘Jan Nijhof was vroeger pastoor in Borne, maar reeds in 1598 had hij den rok omgekeerd door Luthersch te worden’.
Röring schrijft ook over de periode in Wierden, die begint in 1609. ‘Na 1609 wordt Nijhof ‘pastoor’ van Wierden, maar de ware Herder kan hij natuurlijk niet geweest zijn. Hoewel daartoe geprest, weigerde hij de leer van Calvijn aan te nemen en over ’t algemeen kan van hem gezegd worden, dat hij op het stuk van godsdienst steeds besluiteloos en weifelend is geweest’. Röring beschrijft dat hij vóór 1626 zijn rooms-katholieke functies te Wierden heeft neergelegd. Hij ging leiding geven aan de Reformatie ter plaatse. De overlevering noemt hem dé stamvader van de Nijhofs, die na hem als predikanten te Wierden gestaan hebben en van wie Abraham Nijhof – zijn zoon?, vraagt Röring zich af – de eerste was. Nijhof kreeg veel aanhang mee voor het protestantisme.
Het Wierden van tegenwoordig met zijn sleutelpositie in het spoorwegennet van Oost-Nederland en zijn diversiteit aan winkels en horeca is niet te vergelijken met het Wierden van 1626. Wierden moet toen worden gezien als een kleine agrarische nederzetting. Het dorp bestond uit verspreide boerderijen rond de kerk en enkele zandwegen die de omliggende buurtschappen met elkaar verbonden. De bevolking leefde grotendeels van landbouw, veeteelt en kleinschalige handel. Rogge, boekweit en haver waren belangrijke gewassen op de arme zandgronden, terwijl schapen en koeien een belangrijke bron van inkomsten vormden.
De periode rond 1626 was een tijd van oorlog. Hoewel Twente niet voortdurend frontgebied was, had de oorlog wel degelijk invloed op het dagelijks leven. Soldaten trokken soms door de streek, er waren extra belastingen en inwoners konden worden verplicht om troepen in te kwartieren. Ook bestond er angst voor plunderingen of rondtrekkende bendes. De economische omstandigheden waren onzeker. Religie speelde een grote rol in het dorpsleven. Na de Reformatie was het officiële geloof in de Republiek gereformeerd geworden, in Twente kreeg het protestantse denken ook voet aan de grond, zeker in Wierden. Maar als je naar het geheel van Twente kijkt, zijn er ook veel inwoners die rooms-katholiek bleven.