Meer spreken over vrede en veiligheid
‘Ik neem me voor de vragen van vrede en veiligheid vaker aan de orde te stellen. De wereld is in enkele jaren ingrijpend veranderd. We kunnen er vanuit ons geloof over nadenken wat daar de betekenis van is’. Dat was één van de opmerkingen die in het breed moderamen van de classis Overijssel-Flevoland werden benoemd op 16 januari 2026 bij een bezinning over vrede en veiligheid.
Het thema was geagendeerd om na te denken over de turbulente veranderingen in de wereld. De overheid spreekt officieel over het aanleggen van noodpakketten. De Pax Americana bestaat niet meer. Europa is in een nieuwe ronde van openlijke oorlog en herbewapening terecht gekomen. Welke consequenties heeft dat allemaal voor ons als kerk en voor de manier waarop we met het geloof bezig zijn?
De kerk in Duitsland (EKD) heeft er een rapport van 150 pagina’s over geschreven met de titel ‘Friedensdenkschrift’ (klik hier). Het breed moderamen had een korte impressie daarvan ontvangen in het Nederlands (klik hier). Verschillende leden van het breed moderamen spraken hun waardering uit voor het referentiekader. ‘Ik heb zo’n oriëntatie vanuit de Nederlandse kerk gemist’, zei één van de bm-leden. ‘Krijg je er kritiek op vanuit de gemeente, als je dit laat liggen?’, vroeg een ander. ‘Nee’, reageerde een predikant, ‘maar ik laat tussen de regels door af en toe wel merken in welke wereld we leven. Als ik het bijvoorbeeld over het verwilderen van de samenleving heb, begrijpen alle kerkgangers waarover ik het heb’.
De adviseur dienstverlening vertelde dat organisaties zoals het CIO wel over de vragen nadenken, maar nog enige terughoudendheid in acht nemen met het naar buiten treden. (Tussen haakjes: enkele uren na de vergadering kwam er een handleiding naar buiten die hierop ingaat, klik hier). Mensen willen geen paniek zaaien. ‘Je wilt gevoelens van onrust niet aanwakkeren’.
Aan de andere kant – zo werd naar voren gebracht – krijgen mensen op allerlei manieren informatie over de nieuwe ontwikkelingen in de wereld; het maakt onzeker en er is behoefte aan referentiekader. Zou je daar als kerk juist niet op moeten inspelen? ‘Ik hoop dat werkgemeenschappen over het thema vrede en veiligheid spreken vanuit de aanwezige theologische kennis. Je biedt mensen daarmee houvast en een reflectiekader’.
Bij de stukken was een opinie-artikel van de kerk in Gouda, waar de voorzitter van de diaconie pleit voor een scenario waarbij het kerkgebouw beschikbaar is voor noodopvang. Het reflectiekader krijgt dan een meer praktische, diaconale invulling. De raden van kerken zorgden in het verleden vaak voor de afstemming van noodhulp en het acteren op rampenplannen. Je ziet in steeds meer plaatsen dat de raden van kerken ter ziele gaan, aldus één van de gespreksdeelnemers. Het werk wordt steeds meer overgenomen door het plaatselijke voorgangersoverleg. Het zijn de voorgangers die vaak periodiek bij de burgemeester worden uitgenodigd. Daar kunnen ook de praktische vragen aan de orde worden gesteld.
Enkele predikanten in het bm noemden de Duitse theologische reflectie verhelderend. ‘De Duitsers helpen me om bewust stil te staan bij de vragen van geweld’. ‘Je kunt vanuit de Duitse tekst ook vragen stellen bij het begrip vrede. Hoe ziet vrede er uit? Vrede is meer dan de afwezigheid van geweld. Zo’n concept kan je helpen weer verder te komen’. Iemand noemde het voorbeeld van Gaza, waar na een periode van geweld men wellicht een volgende stap kan maken en weer over het invullen van de vrede reflecteert. ‘Ik waardeer de diverse dimensies die men in Duitsland geeft aan de rechtvaardige vrede’.
Taskforce
Het breed moderamen besloot een taskforce samen te stellen voor het begeleiden van de ontwikkelingen van gemeenten in de Kop van Overijssel. De taskforce bestaat uit het classisteam en enkele mensen die de kerkenraden moeten aanvullen waar men onder het minimumaantal blijft functioneren. In open gesprek met de kerkenraden kan er dan wellicht worden toegewerkt naar een structurele oplossing. Eerder is daar het concept van de huisgemeenten voor genoemd en in overleg met de kerkenraden kan worden gekeken of dat het meest wenselijke concept is dan wel dat men alternatieven aandraagt die een oplossing kunnen bieden.
Er werd gesproken over preekbevoegdheid en sacramentsbevoegdheid van enkele kerkelijke werkers. De lijn wordt gehandhaafd dat preekbevoegdheid gekoppeld is aan de plaatselijke situatie en de vraag of er meer preekplaatsen zijn dan voorgangers. De sacramentsvraag is in de generale regeling gekoppeld aan een bepaalde formatieruimte. Hangende de landelijke veranderingen beperkt de classis zich tot het huidige beleid in afwachting tot nieuwe regelgeving. Een gemeente die overweegt een switch te maken van een predikantsinvulling naar een invulling met een kerkelijk werker zal tekst en uitleg krijgen over de huidige regelgeving.
Beleggingen
Het breed moderamen sprak over de komende classicale vergadering in februari. Er zijn nog twee vacatures vanuit de regio Hardenberg. Wellicht lukt het om de voortgang voor de benoeming van een classispredikant voor Overijssel-Flevoland door te spreken. En als inhoudelijk onderwerp komt het actuele diaconaat aan de orde met behulp van prof. dr. Thijs Tromp.
Het breed moderamen sprak over de mogelijkheid mee te doen in een nieuw beleggingsfonds vanuit de diverse classis. Enkele leden twijfelden aan de noodzaak om iets dergelijks als classes naast bijvoorbeeld Boaz te lanceren. Ze hadden ook moeite met de vraag waar chargering en dechargering van de betrokkenen plaatsvindt. Toch oordeelde de meerderheid dat men positief verder kan denken op dat spoor. Er blijft immers de mogelijkheid om in een later stadium te kijken in hoeverre je geld wilt inbrengen in zo’n beleggingsinitiatief.
Het breed moderamen stelde vast dat Overijssel-Flevoland relatief weinig gebruik maakt van ambulante predikanten, interim-predikanten en andere diensten die het mobiliteitsbureau aanbiedt. Men wil zich rekenschap geven van de vraag of dat een teken van kracht is, of juist voor verandering van strategie pleit. Een ander thema waarop men wil doorpraten is de ondergrens van kerkenraden, steeds vaker lijken kerkenraden onder het minimum van zeven leden te komen; hoe ga je daar mee om en wat zit achter de teruggang van het aantal ambtsdragers?