Foto: aanbieding van het rapport met links dr. Kees van Ekris, scriba van de synode en in het midden ds. Ellen Peersmann, preses 2026 van het overleg van classispredikanten
De classispredikant is er voor de krimp én voor de kansen
De classispredikant is er voor de krimp én voor de kansen. Dat was de afdronk van de studiedag over het ambt van classispredikant die op woensdag 8 april in Utrecht werd gehouden. Zo’n tachtig belangstellenden met hart voor de kerk spraken met elkaar over het evaluatierapport over de classispredikant dat door IPSOS is geschreven.
In het rapport wordt duidelijk dat de invoering van het ambt van classispredikant in 2018 een gelukkige keuze is geweest. De classispredikant geeft de kerk in de regio een gezicht, werkt samenbindend voor de verschillende kerkelijke gemeenten, en samen hebben de classispredikanten een duidelijke stem richting de synode en de Dienstenorganisatie. Hoewel, dat laatste mag nog sterker verankerd worden volgens het rapport.
Daar sloot dr. Theo Pleizier bij aan. Hij is als universitair docent verbonden aan de PThU. Hij observeerde dat door de invoering van het ambt van classispredikant het zwaartepunt van het kerkelijke leven in de regio komt te liggen. Daarom moet het kerkenwerk in de regio ook goed worden ondersteund. Hij pleitte voor minstens 4,0 fte aan betaalde beroepskrachten in dienst van elke classis. En hij moedigde de elf classispredikanten aan om niet te blijven bij de som van elf individuen, maar om te zoeken naar één gemeenschappelijke stem waarmee de classispredikanten vanuit hun waarnemingen en expertise inbreng kunnen hebben in de landelijke kerk: ‘Het beraad van classispredikanten moet de belangrijkste gesprekspartner worden van de synode’, zei hij onder meer. ‘Het is een gemiste kans als classispredikanten alleen uitvoerder zijn van beleid. Zij moeten juist aangever van beleid zijn.’
Het verhaal van Pleizier volgde op de opening van de dag door dr. Arjan Plaisier, die wel de ‘geestelijk vader’ van het ambt van classispredikant wordt genoemd. Hij vergeleek de classispredikant met Barnabas (Handelingen 11) die eropuit wordt gestuurd om de gemeente in Antiochië te bemoedigen. Vervolgens bood ds. Aafke Rijken het rapport aan aan ds. Ellen Peersmann, voorzitter van het beraad van classispredikanten, en aan dr. Kees van Ekris, scriba van de synode. Ds. Rijken deed dit mede namens de andere drie leden van de begeleidingscommissie, die op het opstellen van het rapport door IPSOS hebben toegezien.
In het middagprogramma pleitte dr. Rein den Hertog ervoor om het ambt van classispredikant meer missionair te oriënteren. Den Hertog is predikant van de Amstelgemeente (CGK) in Amsterdam en onderzoeker aan de TUA. Hij wees erop dat het ambt nu sterk naar binnen is gericht, op de organisatie van de kerk. Een focus naar buiten kan meer lucht en focus geven: ‘Wanneer het ambt wordt verstaan als gericht op het herkennen, bevestigen en versterken van wat God doet, ontstaat er een inhoudelijke focus die het mogelijk maakt om keuzes te maken. Niet alles hoeft meer, maar datgene wat bijdraagt aan het onderscheiden en bemoedigen van Gods werk krijgt prioriteit. ’
Deze toonzetting klonk ook door in de praktijkgerichte ervaringsverhalen van ds. Corine van Eck (classispredikant Delta), ds. Niels de Jong (predikant-pionier in Rotterdam), ouderling Leo Visser (kerkenraadsvoorzitter in Kampen) en ds. Harmke Heuver (Lexmond). Van Eck bracht naar voren dat de classispredikant spanningen kan wegnemen door goed te luisteren en opmerkzaam te zijn met wat zich aandient. Visser ervoer de samenbindende kracht van de classispredikant, die verschillen overstijgt. De Jong riep de classispredikanten op om vooral ook oog en aandacht te hebben voor die plekken waar nieuwe geloofsgemeenschappen, nieuwe kerken ontstaan. En Heuver vroeg om meer oog voor de creativiteit en het zelforganiserende vermogen van predikanten: laten classispredikanten daar aanwezig zijn waar het predikantschap in alle collegialiteit gebeurt.
De dagvoorzitter was ds. Wilbert Dekker, preses van de classis Overijssel-Flevoland. Samen met ds. Rijken, ds. Gerrit van Meijeren en Arie de Wit vormde hij de begeleidingscommissie. Hij zegt over deze dag: ‘Het leek de commissie jammer om dit belangrijke rapport in een la te laten verdwijnen. We wilden het graag de aandacht geven die het verdient. Daarmee willen we de classispredikanten ook laten zien dat we hun werk erg waarderen. En we wilden graag de blik op de toekomst richten: wat kun je allemaal voor moois uit dit ambt van classispredikant halen? Te merken aan de sfeer op de dag en aan de goede gesprekken is er inderdaad een mooie bezinning op gang gekomen’. Ds. Kees van Ekris beloofde dat de input van deze dag meegenomen wordt in de besluitvorming op de kleine synode, die dit en het volgende jaar plaats zal vinden.