Een open kerk met rust van binnen
Ook niet-religieuzen waarderen een kerkgebouw
Kerkgebouwen hebben voor veel Nederlanders een bijzondere betekenis. Dat stelt het blad Kerkbeheer op basis van het onlangs verschenen rapport Heiligheid in de leefomgeving, uitgevoerd door Ipsos I&O in samenwerking met Socires, Museum Catharijneconvent, Vrijzinnigen Nederland en de Christelijke Hogeschool Ede).
Nederland kent al anderhalve eeuw een proces van ontkerkelijking. Inmiddels rekent 58 procent van de Nederlanders zich niet meer tot een geloofsgemeenschap en één op de vier kerkgebouwen heeft geen religieuze functie meer. Tegen deze achtergrond onderzocht Ipsos I&O hoe Nederlanders hun directe leefomgeving ervaren en welke plekken voor hen een bijzondere of zelfs heilige betekenis hebben. Centraal stond de vraag welke rol religieuze en niet-religieuze plekken spelen in het vervullen van emotionele, spirituele en sociale behoeften.
Ondanks de ontkerkelijking bezoekt 31 procent van de Nederlanders minstens één keer per jaar een religieus gebouw. Dat gebeurt niet uitsluitend om religieuze redenen. Naast geloof worden ook rust, bezinning, herdenken en waardering voor architectuur en cultuur genoemd.
Onder verschillende leeftijdsgroepen komt dit ongeveer even vaak voor, al geldt dit iets minder vaak voor jongvolwassenen (28% van de 18-34-jarigen bezoekt jaarlijks een religieus gebouw) dan voor ouderen (33%). Ook hoogopgeleiden bezoeken vaker wel eens een religieus gebouw (35%) dan laagopgeleiden (26%). Datzelfde geldt voor centrumrechtse kiezers (39%), vergeleken met links-progressieve en rechts-conservatieve Nederlanders.
Tegelijkertijd bezoekt een meerderheid van de niet-religieuze Nederlanders nooit een religieus gebouw. Opvallend is dat een kwart van de mensen die zichzelf religieus noemt nooit een religieus gebouw bezoekt. Kerkbezoek is daarmee minder vanzelfsprekend dan religieuze identiteit doet vermoeden.
De sterkste bevinding uit het onderzoek is de centrale rol van rust. Vier op de vijf Nederlanders zoeken wel eens bewust een plek op om rust te ervaren. Twee derde noemt rustige plekken zelfs cruciaal in de leefomgeving. Die rust wordt vooral gevonden in het eigen huis en in de natuur.
Religieuze gebouwen spelen vooral een rol bij troost en het gevoel van verbinding met een groter geheel, maar minder bij sociale ontmoeting. Voor ontmoeting en ‘onder de mensen zijn’ worden vooral horeca, culturele instellingen en sportverenigingen genoemd.
Jongeren zoeken relatief vaak plekken op om vreugde en rust te ervaren, maar geven ook vaker aan dat zij onvoldoende rustplekken hebben, met name in sterk stedelijke gebieden.
De toekomst van religieuze gebouwen blijkt een belangrijk maatschappelijk vraagstuk. Slechts 14 procent van de Nederlanders vindt dat een leegstaand kerkgebouw bij voorkeur een religieuze functie moet behouden. De meerderheid staat open voor herbestemming, bijvoorbeeld als woning, buurt- of gemeenschapscentrum of culturele voorziening. Opvallend is dat jongeren vaker dan 50-plussers vinden dat een religieuze functie behouden moet blijven.
Over de verantwoordelijkheid voor religieus erfgoed lopen de meningen uiteen. Oudere generaties leggen die vaker bij eigenaren en beheerders, terwijl jongere Nederlanders eerder een rol zien voor de overheid of de lokale gemeenschap.
Antwoord op de vraag: Welke gevoelens roept een religieus gebouw op?