De afvaardiging van het Leger des Heils bij de assemblee van de CEC in Tallinn, links Vibeke
Charta Oecumenica:
Vibeke Krommenhoek, die het Leger des Heils vertegenwoordigt in oecumenische organen zoals de Europese Kerkenconferentie, schreef een artikel voor de achterban over de betekenis van Charta Oecumenica, een document dat de CEC in 2025 officieel naar buiten bracht. Hieronder haar uit het Engels vertaalde tekst.
Kerken samen voor een Europa in verandering
De kerken in Europa leven en getuigen in een snel veranderende wereld. Politieke ontwikkelingen, maatschappelijke uitdagingen, technologische vooruitgang en zorgen over het milieu hervormen de Europese samenleving en roepen nieuwe vragen op voor christenen. Tegen deze achtergrond biedt de Charta Oecumenica een gemeenschappelijk kader waarbinnen kerken kunnen samenwerken, de christelijke eenheid kunnen versterken en de samenleving kunnen dienen. De Charta Oecumenica kan worden gezien als een ‘gedragscode’ voor de kerken in Europa. Het is geen verdrag of juridisch bindend document. Het biedt veeleer gedeelde principes en verbintenissen die kerken aanmoedigen om vreedzaam en constructief samen te werken, hun onderlinge banden te verdiepen en gezamenlijk getuigenis af te leggen van het Evangelie.
De context van de Charta Oecumenica
De Charta Oecumenica is voortgekomen uit de visie van Europese kerken om de christelijke eenheid te versterken en gezamenlijk getuigenis af te leggen van het Evangelie op een continent dat aan verandering onderhevig is. De wortels ervan liggen bij de Conferentie van Europese Kerken (CEC), die in 1959 werd opgericht. De CEC ontstond tijdens de Koude Oorlog, toen Europa verdeeld was in Oost en West. Een van de belangrijkste doelstellingen was het slaan van bruggen tussen kerken aan weerszijden van de politieke en ideologische scheidslijn. Vandaag de dag verenigt de CEC 115 lidkerken uit heel Europa, die de orthodoxe, protestantse en anglicaanse tradities vertegenwoordigen. Het doel blijft uiterst relevant: kerken helpen om naar elkaar te luisteren, gezamenlijke uitdagingen aan te pakken en met één verenigde en betekenisvolle christelijke stem te spreken over kwesties die de Europese samenleving raken.
De wereld waarin de CEC van start ging, is ingrijpend veranderd. Toch blijft de noodzaak voor christenen bestaan om bruggen te slaan, eenheid te zoeken en de bredere samenleving te dienen. Nieuwe omstandigheden vereisen echter dat kerken nieuwe vormen van samenwerking vinden. Dietrich Bonhoeffer verwoordde treffend het naar buiten gerichte karakter van het christelijk geloof: "Christus is niet voor de kerk gestorven; Hij is voor de wereld gestorven." Kerken zijn daarom geroepen om niet alleen zorg te dragen voor hun eigen gemeenschappen, maar zich ook in te zetten voor de noden en uitdagingen van de bredere wereld.
Van een verdeeld Europa naar een nieuwe oecumenische visie
De val van het IJzeren Gordijn begin jaren negentig bracht ingrijpende veranderingen teweeg in Europa. Landen en samenlevingen die decennialang gescheiden waren, konden de banden weer aanhalen, terwijl kerken voor nieuwe kansen en verantwoordelijkheden kwamen te staan. Tegen deze achtergrond zagen de CEC en de Raad van Europese Bisschoppenconferenties (CCEE) — die de Rooms-Katholieke Kerk in Europa vertegenwoordigt — de noodzaak voor kerken om een gemeenschappelijke visie te formuleren op hun leven en getuigenis. Het resultaat was de eerste Charta Oecumenica, gepubliceerd in 2001. Het document behandelde belangrijke aspecten van christelijke samenwerking, met name het streven naar grotere eenheid onder christenen en de verantwoordelijkheid van kerken tegenover de samenleving. Het moedigde kerken aan om verdeeldheid te overwinnen, onderlinge banden te versterken en samen te werken aan hun gemeenschappelijke missie. De Charta Oecumenica was dan ook nooit bedoeld als louter een uiteenzetting van theologische ideeën. Het was opgezet als een praktische uitnodiging: als kerken deel uitmaken van hetzelfde lichaam van Christus, hoe kunnen zij dan zo samenleven en samenwerken dat die eenheid zichtbaar wordt?
Een nieuwe Charta Oecumenica?
Meer dan twee decennia na de publicatie van het oorspronkelijke document waren Europa en de wereld opnieuw veranderd. In 2022 begonnen de CEC en de CCEE met het ontwikkelen van een geactualiseerde versie van de Charta Oecumenica. Het doel was niet om de oorspronkelijke verbintenissen los te laten, maar om in te spelen op nieuwe realiteiten en uitdagingen waarmee kerken en de samenleving worden geconfronteerd. Onderwerpen die meer aandacht kregen, zijn onder meer de zorg voor de schepping en de snelle ontwikkeling van moderne technologieën, waaronder kunstmatige intelligentie. Deze ontwikkelingen bieden kansen, maar roepen ook belangrijke ethische vragen op. Kerken spelen een belangrijke rol bij het helpen van de samenleving om na te denken over het gebruik van technologie, de bescherming van de menselijke waardigheid en de zorg voor de schepping. Bij de totstandkoming van het nieuwe document vond een breed consultatieproces plaats. Lidkerken en nationale raden van kerken uit heel Europa werden uitgenodigd om een bijdrage te leveren, zodat de geactualiseerde Charta Oecumenica een afspiegeling zou zijn van de ervaringen en zorgen van kerken op het hele continent.
De definitieve tekst werd in 2025 ondertekend door aartsbisschop Nikitas, voorzitter van de CEC, en aartsbisschop Gintaras Grušas, voorzitter van de CCEE. Op 6 november verwelkomde en prees paus Leo XIV het geactualiseerde document tijdens een audiëntie in Rome met de twee aartsbisschoppen. De nieuwe Charta Oecumenica staat daarmee symbool voor het hernieuwde engagement van de Europese kerken om gezamenlijk op te trekken in geloof, getuigenis en dienstbaarheid.
Het Leger des Heils en de Charta Oecumenica
Het Leger des Heils onderhoudt al lange tijd een relatie met de oecumenische beweging in Europa. Het was in 1959 een van de oprichters van de Conferentie van Europese Kerken (CEC). Deze betrokkenheid weerspiegelt het streven van het Leger des Heils om samen met andere christelijke kerken mensen te dienen en te getuigen van het Evangelie. De visie van het Leger des Heils op zending heeft altijd zowel de verkondiging als praktische dienstbaarheid omvat. Het werk met mensen die te maken hebben met armoede, uitsluiting, ontheemding en andere vormen van kwetsbaarheid, brengt de organisatie van nature in contact met vele kerken en christelijke organisaties. Deze praktische inzet voor samenwerking maakt de beginselen van de Charta Oecumenica bijzonder relevant voor het Leger des Heils.
In elk Europees land neemt het Leger des Heils deel aan het werk van de betreffende nationale Raad van Kerken waarvan het lid is. Via deze nationale structuren hebben vertegenwoordigers van het Leger des Heils bijgedragen aan het overlegproces over de nieuwe Charta Oecumenica. Op Europees niveau werd ook het Internationale Hoofdkwartier (afdeling Europa) – als lid van de CEC en als instantie die het Leger des Heils in heel Europa vertegenwoordigt – uitgenodigd om aan het overleg deel te nemen. Deze betrokkenheid is van groot belang; het betekent dat het Leger des Heils de Charta Oecumenica niet slechts als een extern document heeft ontvangen. Het heeft de gelegenheid gehad bij te dragen aan de gedachtewisseling over hoe christelijke eenheid, samenwerking en getuigenis er in het huidige Europa uit zouden moeten zien.
Praktische ondersteuning van de Charta Oecumenica
De reacties op de nieuwe Charta Oecumenica liepen per land uiteen. In sommige Europese landen kwamen de kerken binnen de nationale raden van kerken – waaronder het Leger des Heils – bijeen voor een gezamenlijke ondertekeningsceremonie. Een dergelijke ondertekening drukt symbolisch steun uit voor de beginselen ervan en toont, misschien nog wel belangrijker, het verlangen van de kerken om eensgezind op te treden. In andere landen is de Charta Oecumenica vooral ontvangen als een instrument voor zending en christelijk getuigenis, zonder formele ondertekeningsceremonie. Beide benaderingen delen hetzelfde onderliggende principe: de waarde van de Charta Oecumenica blijkt uiteindelijk niet uit een handtekening, maar uit wat kerken ermee doen.
Voor het Leger des Heils betekent steun aan de Charta Oecumenica dat er verder wordt gebouwd aan relaties met andere kerken, dat er wordt gezocht naar kansen voor gezamenlijk getuigenis en samenwerking, en dat er wordt bijgedragen aan een christelijke aanwezigheid die ingaat op de noden van de Europese samenleving. Het betekent ook erkennen dat kerken het niet over elk theologisch of praktisch punt eens hoeven te zijn om samen te werken. Christelijke eenheid kan tot uitdrukking komen door luisteren, wederzijds respect, gezamenlijk gebed, gezamenlijke actie en dienstbaarheid aan anderen. Dit sluit aan bij de missie van het Leger des Heils. Mensen dienen en de liefde van Christus delen betekent vaak samenwerken met anderen.
Samen verder komen
Een Afrikaans spreekwoord verwoordt de geest van de Charta Oecumenica bijzonder goed: "Als je snel wilt gaan, reis dan alleen; als je ver wilt komen, reis dan samen." De kerken van Europa hebben ervoor gekozen om samen op weg te gaan.
De Charta Oecumenica bevestigt het streven om de christelijke eenheid te verdiepen, het wederzijdse begrip te versterken en een gezamenlijk getuigenis van het Evangelie te geven in een veranderend Europa. Voor het Leger des Heils bieden het langdurige lidmaatschap van de CEC en de deelname aan nationale en Europese oecumenische structuren een belangrijke kans om bij te dragen aan deze weg. De uitdagingen waar Europa voor staat zijn complex, en de kerken zullen het niet altijd eens zijn over de antwoorden. Toch kunnen ze naar elkaar luisteren, samen dienen en manieren zoeken om de liefde van Christus zichtbaar te maken in de samenleving. In die zin is de Charta Oecumenica meer dan een "gedragscode". Het is een gezamenlijke uitnodiging om samen op te trekken, te getuigen en te dienen – ten behoeve van de kerk, ten behoeve van Europa en uiteindelijk ten behoeve van de wereld.
Oktober 2026
Vibeke Krommenhoek (MA Theologie)
Commissioner